De 1ste schetsen van een structuur inzake sociaal overleg in Brussel dateren van de voorlopige regionalisatiewetten van 1979. Bij koninklijk besluit van 1988 wordt de Brusselse Gewestelijke Economische en Sociale Raad opgericht.
In dit orgaan zetelen, naast de vakbondsbank en de werkgeversbank, Brusselse Parlementsleden uit de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Het orgaan wordt voorgezeten door de Minister-president van de Brusselse Regering.
De grote hervormingen van het Brusselse institutionele landschap in 1989 maakten een reorganisatie en herstructurering van het overleg noodzakelijk.
Bij ordonnantie van 8 september 1994 werd de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (ESRBHG) opgericht, die op 1 juli 2020 Brupartners is geworden.

Brupartners wordt op 11 mei 1995 officieel geïnstalleerd. Hij brengt dan enkel de interprofessionele sociale partners bijeen, op basis van een gelijke samenstelling tussen de leden van de werkgeversbank en de leden van de vakbondsbank.
Het Brussels Economisch en Sociaal Overlegcomité (BESOC) wordt bij ordonnantie van 16 januari 1997 opgericht om het overleg tussen de Brusselse sociale partners en de Regering te organiseren. Dit driepartijenorgaan verenigt de Regering, de vakbondsbank en de werkgeversbank.
Sinds 2004 verzorgt het administratieve team van Brupartners het secretariaat van het Overlegplatform van de sociale economie, dat in 2018 de Adviesraad voor sociaal ondernemerschap is geworden.

Sinds 2011 verzorgt het Secretariaat van Brupartners het secretariaat van de Adviescommissie inzake arbeidsbemiddeling en van het Overlegplatform voor de werkgelegenheid.

Sinds 2016 verzorgt het Secretariaat van Brupartners het secretariaat van de Adviescommissie erkenning van dienstencheque-ondernemingen.
Sinds 2017 verzorgt het Secretariaat van Brupartners het secretariaat van de Strategische commissie van hub.brussels (het Brussels Agentschap voor de Ondersteuning van het Bedrijfsleven), in samenwerking met de diensten van hub.brussels.

In 2022 krijgt Brupartners een nieuw wettelijk kader: de ordonnantie van 2 december 2021 betreffende Brupartners die op 13 januari 2022 in werking trad. Het betreft een nieuwe grondtekst die aansluit bij zijn omgeving en die rekening houdt met de evolutie van de opdrachten die hem in de loop der jaren zijn toevertrouwd, alsook met de opdrachten die aan zijn Secretariaat zijn toevertrouwd.
Deze ordonnantie herbevestigt, consolideert en versterkt de plaats van Brupartners in het Brussels landschap van economisch en sociaal overleg:
- De adviesbevoegdheden van Brupartners worden uitgebreid tot de communautaire materies
- Het systeem van “gedeelde prioriteiten” wordt ingevoerd als methode van raadpleging
- De overlegbevoegdheid wordt herzien en geactualiseerd via het Brussels Economisch en Sociaal Overlegcomité (BESOC)
Ook bij het Secretariaat van Brupartners zijn er veranderingen:
- Het secretariaat staat voortaan in voor de coördinatie van de Brusselse adviesorganen
- Binnen Brupartners wordt officieel een Dienst voor sectorale facilitatie opgericht om een sectorale opdracht te vervullen
- De opdracht van het Observatorium van de referentieprijzen voor de overheidsopdrachten wordt bevestigd
De nieuwe coördinatieopdracht van de Brusselse adviesorganen heeft geleid tot de overname van het secretariaat van talrijke instanties:
Sinds 2020 verzorgt het Secretariaat van Brupartners het secretariaat van de Raad voor het Leefmilieu (RLBHG) en sinds 2022 dat van het Brussels Comité van Klimaatdeskundigen (CEC).
In 2023 verwelkomt het Secretariaat van Brupartners het secretariaat van de Raad voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (RGVM) en dat van de Brusselse Raad voor Personen met een Handicap (RPH).
Sinds 2024 staat het administratieve team van Brupartners in voor het secretariaat van de Brusselse Raad voor de uitbanning van racisme en van het Permanent platform voor dialoog en overleg in de non-profitsector (PPDONP).